Tagged hardlopen

Red de marathon, stop de klok

De marathon van Rotterdam werd pas boeiend op 2 uur en 28 minuten na de start. Want toen zei de net gefinishte Miranda Boonstra voor de camera: ‘Ik hoop niet dat ze daar moeilijk over gaan doen, toch? Dat zou echt heel lullig zijn.’

Wat was er gebeurd? Boonstra was even daarvoor als vierde vrouw over de meet gekomen na 2 uur 27 minuten en 32 seconden. Dat is een goede tijd, maar niet goed genoeg voor deelname aan de Olympische spelen van Londen. Daarvoor had ze 8 seconden sneller moeten lopen.

Nu hoopt de atlete dat ‘ze’, oftewel het NOC*NSF, haar toch naar de Spelen laten gaan.

Vertwijfeling
De vertwijfeling in de ogen van de 39-jarige Boonstra over haar sportieve toekomst was het hoogtepunt van deze hardloopdag. Niet de wedstrijd. Die was klinisch, saai.

Hoe komt dat?

Het ging in de wedstrijd niet om de mensen maar om de tijden. De beoogde winnaar bij de mannen zou het parcours in een nieuw wereldrecord afleggen. Daar was alles op ingericht: er deden toplopers mee; er waren goede hazen aangetrokken; de start was een half uur vervroegd.

Alles was uitgestippeld: de snelheden, de tussentijden, de opdrachten aan de gangmakers. En als iets niet volgens plan verliep, dan greep een zogenoemde koersregisseur in met een nieuwe opdracht.

De atleten waren de pionnen die een van tevoren bedachte strategie moesten uitvoeren. Het ging er niet om wie zijn handen na ruim 42 kilometer in de lucht zou steken. Zolang de tijd maar goed was.

Verplicht stoppen
In de contracten van de hazen stond dat ze de wedstrijd niet uit mochten lopen. Ze waren verplicht te stoppen. Want stel nou eens dat ze voor eigen kansen gingen lopen en hun werk als gangmaker minder fanatiek zouden uitvoeren.

Toen bleek het wereldrecord niet haalbaar. Terstond werden de schema’s van het parcoursrecord en van de beste jaarprestatie tevoorschijn gehaald.

Beste Nederlander
Ondertussen werden de prestaties van de Nederlander Koen Raymaekers vergeleken met de tussentijden die hem een nominatie voor de Spelen moesten opleveren. De tussentijden van de beste vrouw, Tiki Gelana, werden natuurlijk ook bijgehouden. Net als die van Boonstra.

Op 500 meter voor de finish versnelde de winnaar bij de mannen, Yemane Adhane, en liet de andere koploper achter zich. Maar dit was al bijna niet meer de moeite waard. Want het wereldrecord was niet verbeterd, het parcoursrecord niet en de beste prestatie van het seizoen ook al niet.

Loser
De winnaar stak zijn handen in de lucht maar leek toch een loser: te langzaam. Raymaekers haalde de limiet niet. Hij verbeterde zijn beste tijd ooit maar was 35 tellen te langzaam voor Londen. En Boonstra was dus ook niet snel genoeg. Winnares Gelana liep wel een geweldige tijd: 2.18.57.

Hoe maak je zo’n marathon dan wel weer boeiend? Simpel: gooi al die schema’s met tussentijden en gemiddeldes uit het raam. Weg met gangmakers, koersregisseurs en beste seizoensprestaties. Weg met stopwatches en verwachte eindtijden.

Ik wil strijd tussen de atleten, niet tussen de atleten en de klok. Ik heb een stopwatch nog nooit op een emotie kunnen betrappen. En emotie, daar gaat het juist om in de sport. Alleen al daarom moet Miranda Boonstra naar de Olympische marathon.