Tagged strips

Bronzen hertog en pislinke lantaarnpalen

Sinds een aantal maanden verschijnt in Knocky Magazine een nieuwe lange strip op mijn scenario: Patata en de bronzen hertog. Het is getekend door Santiago Martín.

In dit verhaal moeten rechercheurs Patata en Noor op zoek naar de dief van het bronzen beeld van hertog Ferdinand de Fiere. Tijdens hun zoektocht stuiten ze op allerlei vreemde figuren.Patata en de bronzen hertog

Hier vind je alle edities van Knocky Magazine. Het avontuur begint in nummer 4.

Pislink
Met Michel Den Hamer heb ik onderstaand stripje gemaakt. Het is eerder verschenen op StripSter.
lantaarnpalen - bd sans mots michel niquicho 1 pislink

Wie verstript mij?

Reve, Elsschot, Dylan, Lovecraft, God: allemaal hebben ze teksten geschreven die jaren, soms eeuwen na publicatie zijn bewerkt tot stripverhaal. Maar waarom zo lang wachten?

Ik schreef vorige week een kort kinderverhaaltje. Toen ik het had voltooid, zag ik het direct ook als stripverhaal voor me. Daarom deze oproep: Wie wil onderstaand verhaaltje verstrippen? (De snelste reaguurder mag malen.)

Grote mensen kunnen niet toveren

‘Hocus! Spocus! Pilatus! Pas! Ik wou dat jij een…krentenbol was!’
Ik zwaai met mijn toverstok naar de appel op het treintafeltje. En ‘Floep!’
‘Het is gelukt’, zeg ik tegen mijn moeder die naast me zit en ik neem een grote hap.
‘Mooi zo’, zegt ze. ‘Eet maar lekker op.’
‘Je doet het niet goed’, zegt de man die tegenover ons zit.
Ik kijk hem verbaasd aan. Hij heeft een grijze baard en draagt een lange, blauwe jas.
‘Hoezo?’
‘Je zei “Hocus spocus” maar je moet “hocus pocus” zeggen.’
Ik kijk naar de krentenbol in mijn hand.
‘Ik zal het je laten zien’, zegt hij.
Hij wijst naar het pakje appelsap dat op het tafeltje staat en zegt:
‘Hocus pocus pilatus pas, ik wou dat jij een pakje sinaasappelsap was!’
Ik kijk naar het pakje. Dat ziet er precies hetzelfde uit als net. Misschien is het pakje niet veranderd, bedenk ik me, maar wel wat erin zit. Ik steek het rietje in mijn mond en zuig. Nog steeds appelsap.
‘Sorry, meneer’, zeg ik. ‘Maar grote mensen kunnen niet toveren.’

Je vindt iedere donderdag een blog van mijn hand op StripSter.

In darmen gluren

Ik wil weten of mijn kunst een succes zal worden. Maar ik geloof niet in tarotkaarten. Glazen bollen vind ik te Harry Potter, en geen koffiefilter met slappe Douwe Egbertsdrab gaat mij mijn toekomst onthullen. Het is zielig om ganzen of kikkers open te snijden en ranzig om vervolgens in hun darmen te gluren.

De orakels in Griekenland zijn me te ver weg. Bovendien heb ik sinds de economische crisis niet veel vertrouwen meer in hun gaven. Daarom sta ik nu vroeg in de ochtend met laarzen aan in een drassig weiland. Naast me staat de vrouw die mijn toekomst gaat lezen in de vlucht van de vogels.

Het geeft me vertrouwen dat ze niet is uitgedost als een handlezeres op de kermis. Ze draagt klompen, een overall en een strooien hoed. Het geeft me minder vertrouwen dat we nu al drie kwartier moeten wachten op een teken uit de lucht. Veel meer dan wolken die steeds dichterbij komen, is ons niet gegund.
‘Je kunt het lot niet opjagen’, zegt ze.
‘Dat begrijp ik’, antwoord ik, ‘maar een vogels hebben toch ook dingen te doen? Moeten ze geen nesten beginnen, kuikens voeren of indruk maken op het andere geslacht met hun gekwetter?’
‘Misschien is het je niet gegeven om te weten of je kunst een succes zal worden.’
Net op dat moment schiet een ekster van achter een conifeer te voorschijn, vliegt over ons heen en poept op mijn schouder. Dan verdwijnt hij achter een beukenhaag.
‘Een teken! Een teken van de toekomst!’ roept ze.
‘En? En?’
‘Je kunt gerust zijn. Je toekomst ziet er geweldig uit. Je zult grote successen vieren met je kunst.
‘Dat is een pak van mijn hart. Ik wist dat ik goed bezig was met mijn strips maar dit is een hele opluchting. Dus eindelijk gaat mijn werk verkopen. Vrouwen zullen me aanbidden. En ik zal rijk worden. Eindelijk kan ik weg uit die koude schuur. En eens op vakantie. Nieuwe, schone kleren.’
Ze kijkt me met grote ogen aan.
‘Strips? Ik dacht dat je schilder was. Ik denk… euhm… dat je nog steeds grote successen zult vieren. Maar rijk ga je niet worden. En aanbidders kun je ook wel op je buik schrijven. Ik zou de huur van die schuur nog maar niet opzeggen.’
Ze geeft me de honderd euro terug die ik haar eerder had betaald.
‘En koop daar maar wat nieuwe broeken en shirts van.’


Je vindt iedere donderdag een blog van mijn hand op
StripSter.

Striptentamen vraag #1: Ben ik te jong?

De zesjarige Louise gaat naar de bibliotheek voor stripboeken. Bij het lenen van een van de strips krijgt ze deze melding te zien.
Uitleenfout - Melding: Klant te jong

Vraag 1a) Voor welke van deze twee strips is Louise volgens de bieb te jong?

Barracuda

Peter de Wit p- Het lege nest

Vraag 1b) Waarom is ze te jong?

De antwoorden:

Louise mag Het lege nest niet lezen want dat is een grafische novelle. Kinderen lezen strips, grafische novelles zijn voor volwassenen.


Je vindt iedere donderdag een blog van mijn hand op
StripSter.

 

‘Meneer, heeft u wel eens gehoord van de GAPscene?’

Een man met een plastic tas in de hand slentert door de sporthal. Hij is niet onderweg naar een potje squash. Hij is onderweg naar een nieuw stripboek. ‘Meneer, heeft u wel eens gehoord van de GAPscene?’

Nee, dat had hij niet. De man hoort vervolgens de uitleg aan van stripmaker Peter Timmermans. Vanachter zijn stand bij het Brabants Stripspektakel in Valkenswaard vertelt Peter enthousiast over de zelfgemaakte stripboekjes die in stapels voor hem liggen.

De man luistert geïnteresseerd naar het persoonlijke verhaal en vertrekt even later met een nieuw boekje in zijn tas. Het boekje had hij waarschijnlijk nooit opengeslagen als Peter hem niet op zijn sympathieke manier had verleid tot een praatje.

Gewiekste openingszin
Ik zat ook achter een stand om samen met Michel Den Hamer ons boekje te verkopen. Aanvankelijk voelde ik schroom om onbekenden lastig te vallen met een gewiekste openingszin. Als ik het later toch probeer, blijkt dat de bezoekers van de beurs het helemaal niet vervelend vinden om over strips te praten.

Klinkt inderdaad niet heel onlogisch.

Net als ik zijn ook zij voor het persoonlijke contact naar Valkenswaard gekomen. En om strips te komen. Laat ik ze daar nou mee kunnen helpen.

Oefenen
Op die gewiekste openingszin moet ik nog wel even oefenen.

‘Bent u bang voor boeken?’ Deze zin geeft een mooi aanknopingspunt met een van onze stripjes, maar de meeste striplezers blijken stoerder dan gedacht.

‘Heeft u wel genoeg strips?’ Ik vond dit best een aardige maar ik had het niet moeten vragen aan een handelaar met 12.000 boekjes te koop. (Tip: spreek alleen mensen aan die een tas bij zich hebben.’)

‘Maak je zelf ook strips?’ Deze vraag bleek een keer succesvol (maar pas nadat ik een paar andere openers eruit had gehakkeld.)

Uiteindelijk hebben we veel leuke mensen gesproken en ook nog negen boekjes verkocht. Mijn voornemen voor de volgende beurs: eerder moed verzamelen om met onbekenden een gesprek aan te knopen. En een goede openingszin bedenken.

8 redenen om naar Valkenswaard te gaan

Ik heb 8 redenen om komende zaterdag een bezoek te brengen aan het Brabants Stripspektakel in Valkenswaard:

  1. om Michel Den Hamer, met wie ik vaak strips maak, te ontmoeten. We communiceren nu vooral via e-mail en Facebook want hij woont in Sas van Gent en ik in Nijmegen.
  2. om de mensen op en achter StripSter te ontmoeten. Een online platform is prachtig maar haalt het niet bij een gezicht, een hand en een stem.
  3. om andere stripmakers en -liefhebbers te ontmoeten.
  4. om ons boekje te verkopen. Michel en ik hebben onze beste strips gebundeld in Boeken verslinden. We signeren en verkopen dit op zaterdag bij de stand van StripSter.
  5. om ons werk onder de aandacht te brengen van tijdschriften en uitgeverijen.
  6. om de geboortestad van mijn schoonvader te bekijken.
  7. om strips te kijken, te bespreken en te kopen.
  8. en omdat ik enorm blij ben met ons boekje en graag jullie mening erover hoor.

Wie weet tot zaterdag in Valkenswaard!

Alleen een Viking mag iets van Thorgal vinden

Stripmaker Grzegorz Rosinski veegt in Brabant Strip Magazine 189 de vloer aan met de gevestigde kunstkritici.

‘Ik haat het dat de perceptie van de hele kunstwereld ons wordt opgedrongen door een groepje lobbyisten, een groep pseudo-intellectuelen die in onze plaats bepalen wat een meesterwerk is en wat niet. Iemand die je voorkauwt wat je van een doek moet vinden, dat is toch om te gruwelen.’

De tekenaar van de reeks Thorgal illustreert zijn gruwel met stevige meningen over en aantal bekende schilderijen en hun makers.

Le déjeuner sur l’herbe van Manet: ‘Ik vind er niets aan.’

Het surrealisme vThorgalan Margritte of Delvaux: ‘veel te clean, veel te afgeborsteld’.

De popart van Andy Warhol: ‘Dit mag gewoon de prullenbak in voor mij. Dit is toch geen kunst. Dit kan iedereen.’

De Mona Lisa van Leonardo da Vinci: ‘Dit is kitsch voor mij.’

Rosinski voegt daaraan ter verklaring toe: ‘Voor mij is het niet de naam van de schilder die primeert maar het werk zelf.’

Ik wil hier niet de discussie aangaan in hoeverre je een werk los kunt zien van zijn of haar maker. Het lijkt me in ieder geval een terechte conclusie dat een werk niet goed is omdat het door deze of gene is gemaakt.

Snobs
De Pool verafschuwt de snobistische kijk op kunst en vindt dat ‘iedereen het recht heeft om zijn eigen mening te vormen.’ Iedereen? Nou ja, je moet wel voldoen aan twee voorwaarden.

1)      ‘Je kan pas een eigen gefundeerde kijk op kunst ontwikkelen als je zelf met kunst bezig bent.’

Dat lijkt me een redelijke eis. Hoe kan ik een gefundeerde mening verkondigen over een strip als ik niet zelf strips heb gelezen, erover heb gelezen en gediscussieerd?

Bij lezing van de tweede voorwaarde van Rosinski blijkt dat ik ‘zelf met kunst bezig zijn’ te breed heb geïnterpreteerd.

2)      ‘Als je zelf nog nooit een verfborstel hebt vastgenomen, hoe kan je dan doeken van anderen bekritiseren?’

Alleen een schilder mag een schilderij beoordelen. Wat een eenzijdige kijk. Een schilderij is meer dan de manier waarop verf op doek is aangebracht; net zoals muziek meer is dan ritmische klanken; zoals dans meer is dan de choreografie.

Met zijn uitspraak reduceert Rosinski kunst tot techniek. Hij sluit zo veel liefhebbers en geïnteresseerden uit die zich vaak wel degelijk een gefundeerde mening hebben gevormd. Hierdoor neemt hij een elitaire positie in, net als de snobistische kunstcritici die hij veracht.

Een non, een klok, een bloem en 3 vampierjagers

Ik heb grote bewondering voor de Duitse tekenaar en schilder Bernd Pfarr. Door hem geïnspireerd kreeg ik een idee voor een cartoon en plaatste een oproep voor een tekenaar.

nonMartha Guthrie reageerde daarop en schilderde de cartoon. Deze en twee andere kun je nu zien op StripSter.

Hier vind je ook het tweede deel van de Vampierjagers: Elvis en Orka, getekend door Michel Den Hamer. Je kunt het eerste deel ook nog lezen.

Beoordeel de strip: bravo of boe?

Voor de superheldenspecial op StripSter maakte Santiago Martín een strip op mijn idee. Daarin proberen drie ‘helden’ een kat uit de boom te redden. In zijn blog liet Santiago weten grote problemen te hebben met het scenario: ‘Combinatie tekst en formaat tekening wat hij voorstelde waren voor mij grote knelpunten.’

Hieronder vind je de strip en daarmee de oplossingen die hij heeft gekozen voor de knelpunten. Mijn  scenario staat daar weer onder. Nu is de grote vraag: wat vinden jullie ervan? Wat kan beter? Wat moet anders? Santiago en ik zijn benieuwd naar jullie mening!Patata - Kat uit de boom

Patata - kat uit de boom 2
Het Scenarioscenario Patata - kat uit de boom 1scenario Patata - kat uit de boom 2: